Hype of nieuwe strategie?

De zin en onzin van de nieuwste online marketingtrends.

Laatst bijgewerkt op 18 februari 2026.

Als marketingmanager, e-commerce manager of ondernemer wil je geen onnodige risico's lopen, maar ook geen kans laten liggen. AI raast door de marketingwereld: contentcreatie wordt geautomatiseerd, Google herschrijft de zoekresultaten met AI Overviews, en privacy-updates in browsers zoals Safari zetten traditionele trackingmethodes op scherp. Search verandert, je klant verandert, en de manier waarop je resultaten meet ook. Ondertussen wordt van jou verwacht dat je weet wat nu werkt, en wat straks pas relevant wordt.

En dan is er een nieuwe laag bovenop dat alles gekomen. Terwijl iedereen nog druk is met de vraag of AI-content wel of niet mag, is er onderliggend iets aan het verschuiven dat verder gaat dan content alleen. AI-tools worden via standaarden zoals het Model Context Protocol rechtstreeks gekoppeld aan de systemen die marketeers dagelijks gebruiken: je CRM, je analytics-omgeving, je advertentieplatform. Dat verandert niet alleen hoe je AI inzet, maar ook hoe je hele marketing-stack is opgebouwd.

En terwijl dat allemaal speelt, gooit OpenAI een nieuwe steen in de vijver. ChatGPT heeft advertenties geïntroduceerd. Niet als banners aan de zijkant, maar als gesponsorde aanbevelingen direct in het antwoord. Google is hetzelfde aan het doen in AI Mode en AI Overviews. De vraag is niet langer óf AI een advertentiekanaal wordt. Die omschakeling is al begonnen. De vraag voor marketeers in Nederland is: wanneer is het tijd om aan te sluiten, en wat is er nu al van te verwachten?

De kans is groot dat je door de bomen het bos niet meer ziet. Want elke update wordt aangekondigd als een revolutie. Elke nieuwe functie klinkt als iets dat je moet proberen. Maar wat levert het op? Wat verandert er echt? En wat betekent het voor jouw performance?

Wij hebben de belangrijkste ontwikkelingen in online marketing voor je op een rij gezet. In dit overzicht duiken we in de impact van Content Automation via AI, de gevolgen van Safari's aangescherpte privacy, AI Max for Search, AI Mode & AI Overviews, de nieuwe AI Performance-rapportage in Bing Webmaster Tools, AI Positietracking, de evolutie van SEO, AEO en GEO, Google Tag Gateway, het Model Context Protocol en de opkomst van adverteren in AI. We combineren data, strategie en praktijkervaring, zodat jij betere keuzes kan maken in een steeds complexer speelveld.

Geen opgeblazen beloftes, wel gefundeerde keuzes. Wat moet je weten? Wat vinden wij ervan als performance bureau? En vooral: wat doe jij wel, en wat vooral nog niet? Geen hypeverhaal. Geen 'AI is de toekomst'-clichés. Wel een eerlijk overzicht dat je helpt koers te bepalen.

Zodat je weet: dit moet ik serieus nemen, en dit mag voorlopig van mijn radar.

Content Automation via AI

Wat is het?

Content automation via AI gaat over het inzetten van kunstmatige intelligentie om taken in je contentproces te stroomlijnen, van idee tot publicatie. Denk aan het genereren van contentideeën, het schrijven van conceptteksten, het optimaliseren van koppen, het samenvatten van lange documenten of het personaliseren van marketingboodschappen per doelgroep. AI neemt repetitieve taken over zodat contentteams zich kunnen richten op strategie, nuance en kwaliteitscontrole.

Maar er is een kantelpunt. Vanaf juni 2025 begon Google actief manual actions uit te delen aan sites die AI op grote schaal inzetten zonder onderscheidende waarde toe te voegen, ook wel "scaled content abuse" genoemd. Dat heeft de discussie fundamenteel veranderd: het gaat niet om óf je AI inzet, maar hoe.

Wat vinden wij ervan?

Bij Envoker zien we AI in contentcreatie als een multiplier, niet als een vervanging. De kracht zit in het versnellen van het creatieve proces, het verlagen van de drempel voor A/B-testen en het consistent houden van je merkboodschap, niet het automatisch aanmaken van honderden pagina's met generieke tekst.

Google hanteert inmiddels een duidelijke lijn: AI-content die waarde toevoegt en door mensen wordt gereviewd, is prima. AI-content die puur is aangemaakt om zoekresultaten te manipuleren, wordt bestraft. Dat lijkt eenvoudig, maar in de praktijk zit het risico in de grijze zone: pagina's die oppervlakkig zijn, niets toevoegen aan wat er al staat, of niet aansluiten op echte gebruikersvragen. Lees meer over de kansen en valkuilen in onze diepgaande analyse van content automation via AI.

Ons advies?

Gebruik AI als versneller in je contentworkflow, niet als eindpunt. De winst zit in snelheid en schaal, maar de kwaliteit moet van mensen komen.

  • Bepaal waar AI wél past: Social posts, meta-omschrijvingen, samenvattingen, eerste concepten: prima. Pagina's die moeten ranken op concurrerende zoektermen zonder unieke kennis of eigen data? Dan heb je als mens iets toe te voegen, anders doet AI het niet beter dan je concurrent die hetzelfde prompt gebruikt.
  • Bouw je merkstem in: Definieer je tone of voice, kernboodschappen en stijlregels concreet. Hoe scherper de input, hoe bruikbaarder de output, en hoe minder revisiewerk je hebt.
  • Zorg altijd voor menselijke review: Niet als formaliteit, maar als inhoudelijke check. Klopt het? Is het uniek? Voegt het iets toe dat een AI zonder jouw kennis niet had kunnen schrijven? Dat is het criterium.
  • Publiceer niet te snel te veel: Google signaleert pieken in contentvolume en beoordeelt of kwaliteit meeschaalt. Gecontroleerde groei is veiliger dan een bulk-upload.
  • Meet op output, niet op volume: Hoeveel pagina's je publiceert zegt niets. Wat telt: engagement, conversie en, steeds belangrijker, citaties in AI Overviews en AI Mode.
✅ Strategie

Wie AI inzet als versneller van het creatieve proces heeft een concurrentievoordeel. Wie het inzet om contentvolume op te schroeven zonder redactionele controle, loopt nu reëel risico op Google-penalties. De technologie is dezelfde, het verschil zit volledig in hoe je ermee omgaat.

Safari & Click ID’s

Wat is het?

Click ID’s zijn unieke identificatiecodes die aan links worden toegevoegd (zoals gclid voor Google Ads of fbclid voor Meta Ads) om gebruikersgedrag over verschillende websites heen te volgen. Ze zijn essentieel voor adverteerders om conversies toe te schrijven aan specifieke campagnes en voor retargeting. Echter, met de voortdurende aanscherping van privacymaatregelen door browserontwikkelaars zoals Apple, staat de effectiviteit van deze traditionele click ID’s onder druk.

Apple heeft met recente iOS- en macOS-updates, waaronder iOS 17 en macOS Sonoma, de ‘Link Tracking Protection’ functionaliteit standaard uitgebreid naar de Safari-browser. Dit betekent dat click ID-parameters (zoals gclid, fbclid, msclkid, maar ook utm_id en vergelijkbare identificeerbare trackingparameters) automatisch worden gestript uit URLs wanneer een gebruiker een link aanklikt en in Safari navigeert. Dit gebeurt niet alleen in Private Browsing, maar nu ook standaard in reguliere Safari-tabs. Dit is een fundamentele verandering die het lastiger maakt om individuele gebruikers nauwkeurig te volgen voor attributie- en retargetingdoeleinden, zonder dat de gebruiker hiervoor een specifieke instelling hoeft te activeren. Lees meer in ons uitgebreide artikel over Safari & Click ID’s: wat betekent Apple’s privacy-update voor jouw marketingdata.

Generieke UTM-parameters (zoals utm_source, utm_medium, utm_campaign) die puur voor interne analyse van verkeersbronnen worden gebruikt en niet voor cross-site tracking, worden doorgaans niet gestript. De focus van Apple ligt specifiek op parameters die kunnen worden misbruikt voor het bouwen van een profiel van een gebruiker over meerdere sites heen.

Wat vinden wij ervan?

Dit is geen verrassing, maar wel een harde realiteit. Zonder click ID’s wordt attributie onbetrouwbaarder, retargeting-doelgroepen via Safari krimpen en wie nog volledig op client-side tracking leunt, ziet dat in zijn data zonder het altijd direct te herkennen. De impact is nu al voelbaar voor adverteerders op iOS, en Apple trekt deze lijn consequent door.

Het dwingt tot een betere aanpak van dataverzameling. Wie nu overschakelt op server-side oplossingen staat straks sterker dan wie wacht tot de browser hem dwingt.

Ons advies?

Paniek is niet nodig, maar actie wel.

  • Prioriteer server-side tagging en Conversions API: Implementeer zo snel mogelijk de Conversions API (voor Meta) en server-side tagging via bijvoorbeeld Google Tag Manager Server-side. Dit stelt je in staat om conversies direct vanaf je server naar advertentieplatformen te sturen, waardoor de impact van browserbeperkingen wordt geminimaliseerd.
  • Zorg voor robuuste Consent Mode v2 implementatie: Met de verplichte Consent Mode v2 is het essentieel dat je toestemmingsbeheer compliant is. Google gebruikt deze signalen om ontbrekende conversiedata te modelleren, wat cruciaal is in een cookieloze toekomst.
  • Verdiep je in Google's privacy-sandbox oplossingen: Google biedt alternatieven zoals gbraid en wbraid (automatisch inbegrepen bij auto-tagging) die gericht zijn op privacy-vriendelijke conversiemeting. Begrijp hoe deze werken en zorg dat ze correct worden gebruikt.
  • Focus op first-party data: Verzamel meer eigen klantgegevens via aanmeldingen, loyaliteitsprogramma's en directe interacties. Dit vermindert de afhankelijkheid van third-party tracking.
  • Monitor data-afwijkingen: Houd je attributie- en campagnerapporten nauwlettend in de gaten op onverklaarbare dalingen in conversies of wijzigingen in het gedrag van iOS/Safari-gebruikers.
  • Wees voorzichtig met 'hacks': Vermijd technisch kwetsbare en privacy-onvriendelijke workarounds, zoals het verbergen van click ID's in custom parameters. Deze worden uiteindelijk geblokkeerd en kunnen je reputatie schaden.
✅ Strategie

De beweging richting een privacy-first web is structureel en stopt niet. Wie nu investeert in server-side tracking, first-party data en Conversions API’s bouwt een meetinfrastructuur die bestand is tegen verdere aanscherpingen. Wie dat uitstelt, verliest steeds meer zicht op campagneprestaties.

AI Max for Search

Wat is het?

AI Max for Search is een campagne-instelling in Google Ads waarmee je met één druk op de knop een pakket aan AI-functies activeert in je bestaande Search-campagnes. Gelanceerd in mei 2025 tijdens Google Marketing Live, combineert het drie kerncapaciteiten: search term matching (je advertentie verschijnt op basis van intentie, niet alleen letterlijke zoekwoorden), tekst- en URL-optimalisatie (Google past automatisch je advertentieteksten en bestemmingspagina's aan per zoekvraag) en verbeterde locatiegerichtheid. In plaats van te werken met lijsten van exact of phrase match zoekwoorden, laat AI Max het systeem breder kijken naar relevant zoekgedrag. Meer weten? Lees ons uitgebreide artikel over AI Max for Search.

Wat vinden wij ervan?

Google belooft gemiddeld 14% meer conversies bij een vergelijkbare CPA/ROAS, en de officiële cases zijn indrukwekkend. L'Oréal zag een verdubbeling van de conversieratio bij 31% lagere kosten per conversie. MyConnect haalde 16% meer leads bij 13% lagere kosten, met een kwart van de nieuwe conversies afkomstig van zoekopdrachten die ze zelf nooit hadden getarget.

Maar er is een andere kant. Onafhankelijk onderzoek door Monks Agency liet zien dat bij een testaccount 99% van de door AI Max gegenereerde impressies nul conversies opleverden, verspreid over zo'n 30.000 verschillende zoektermen. Een LinkedIn-poll onder PPC-professionals toonde dat slechts 16% goede resultaten rapporteert. Dat zijn grote contrasten met Google's eigen cijfers, en die zijn niet toevallig: Google's benchmark sluit retail-adverteerders expliciet uit van de 14%-claim. Dat roept vragen op over hoe representatief de gepubliceerde resultaten zijn.

Vanuit onze eigen praktijk zien we dat AI Max het best werkt bij campagnes met voldoende conversievolume, een stabiele datastroom en een heldere propositie op de landingspagina. Zonder die fundering optimaliseert het systeem op de verkeerde signalen, en dat kost geld.

Ons advies?

Zet AI Max niet zomaar aan als een schakelaar. Test het gecontroleerd en evalueer op incrementaliteit, niet alleen op volume.

  • Test in een aparte campagne naast je bestaande structuur, zodat je echt kunt vergelijken. Geef het systeem minimaal 4-6 weken en voldoende budget om te leren.
  • Zorg dat je conversiemetingen kloppen. AI Max stuurt op resultaat: meet je de verkeerde micro-conversies, dan optimaliseert het systeem op papier goed maar in werkelijkheid niet.
  • Houd de zoektermenrapporten actief in de gaten. AI Max genereert zoekvarianten die je zelf nooit zou targeten. Sommige zijn goud, andere zijn verspilling. Sluit irrelevante termen snel uit.
  • Controleer automatisch gegenereerde advertentieteksten op merk- en toonconformiteit. Het systeem past copy aan op de zoekvraag, maar kent jouw merk niet van binnen.
  • Pas de geo-targeting functie toe als je lokaal actief bent. Dat is een van de meest onderbenutte én meest waardevolle toevoegingen van AI Max.
✅ Strategie

AI Max is een serieuze uitbreiding op je Search-campagnes die bij de juiste randvoorwaarden aantoonbaar meer conversies oplevert. De kloof tussen Google's eigen benchmarks en onafhankelijke testresultaten vraagt om voorzichtigheid, maar de meerwaarde is er. Test gecontroleerd, valideer op incrementaliteit en schaal op als de data het rechtvaardigen.

AI Mode & AI Overviews

Wat is het?

Google heeft in 2025 twee fundamenteel verschillende AI-functies in Search uitgerold, die allebei de manier veranderen waarop gebruikers informatie vinden, en hoe jij als adverteerder of publisher nog zichtbaar bent.

AI Overviews zijn automatisch gegenereerde samenvattingen bovenaan de zoekresultatenpagina, opgebouwd door Google's Gemini-model op basis van meerdere bronnen. Ze verschijnen bij informatieve zoekopdrachten, zoals "hoe werkt een hypotheek" of "symptomen van bloedarmoede", en geven de gebruiker direct antwoord zonder dat er geklikt hoeft te worden. In Nederland zijn ze actief sinds mei 2025, in België iets eerder.

AI Mode is een aparte zoektab die volledig op AI-gegenereerde antwoorden draait, zonder de klassieke lijst van blauwe links. Het systeem gebruikt een techniek die "query fan-out" heet: je zoekvraag wordt opgesplitst in meerdere subvragen (soms wel 16 tegelijk) die parallel worden verwerkt. Het resultaat is een conversatiegerichte zoekervaring waarbij je doorvraagt in plaats van opnieuw zoekt. AI Mode is actief in Nederland en België sinds 8 oktober 2025. [blog.google]

Het verschil is cruciaal: AI Overviews verschijnen naast de normale zoekresultaten, AI Mode vervangt ze vrijwel volledig. Dat maakt de impact op verkeer bij AI Mode structureel zwaarder.

Wat vinden wij ervan?

Dit is geen tijdelijke hype die vanzelf overgaat. Het is een systeemverandering in hoe Search werkt, en de data zijn inmiddels hard genoeg om niet meer te nuanceren. Organische CTR op positie 1 daalde met 58% ten opzichte van twee jaar geleden. Gemiddelde CTR bij AI Overview-zoektermen zakte van 1,76% naar 0,61%. Maar wie wél geciteerd wordt in een AI Overview, ziet gemiddeld 35% meer organische kliks en 91% meer betaalde kliks dan wie niet geciteerd wordt. Het gaat dus niet om minder verkeer voor iedereen, maar om een concentratie bij bronnen die Google als autoriteit beschouwt.

Voor AI Mode zijn de cijfers nog extremer: 93% van de sessies eindigt zonder externe klik (Semrush, september 2025). De impact verschilt sterk per type content en intentie.

Informatieve content is het hardst geraakt. Pagina's over "hoe werkt X", "wat is Y" of vergelijkende gidsen zien hun CTR het sterkst dalen, juist omdat AI Overviews die vragen steeds vaker zelf beantwoorden. Transactionele en lokale zoekopdrachten blijven vooralsnog stabieler: slechts 7,9% van lokale zoekopdrachten triggert een AI Overview (Ahrefs, 2025), en commerciële zoektermen worden minder vaak samengepakt in een AI-antwoord.

Voor SEA verschuift de context waarin advertenties verschijnen. Google test al advertenties in AI Mode in de VS, en breidt ads in AI Overviews verder uit naar meer landen. Dat betekent dat je advertentie straks niet meer naast tien blauwe links staat, maar als aanvulling op een AI-gegenereerd antwoord. De relevantie-eisen worden daarmee hoger: een generieke tekstadvertentie past niet in een omgeving waar de gebruiker een genuanceerde vraag heeft gesteld.

Wat we ook zien: klassieke rankingposities verliezen als maatstaf aan waarde. Positie 1 geeft nog maar een derde van het verkeer dat het voor AI Overviews deed. De vraag is niet meer alleen "rank ik hoog?", maar "word ik geciteerd in het AI-antwoord?".

Ons advies?

Optimaliseer niet voor rankings, maar voor citaties. Dat vraagt een andere contentstrategie.

  • Schrijf antwoorden, geen artikelen: AI-systemen extraheren content die direct antwoord geeft op een specifieke (deel)vraag. Zorg dat elke sectie van je pagina een duidelijke vraag beantwoordt, met een compact antwoordblok in de eerste zin, gevolgd door verdieping. Onderzoek toont dat 44% van alle AI-citaties komt uit de eerste 30% van de tekst.
  • Structureer je content machine-leesbaar: Duidelijke koppen (H2/H3), bulletlists, FAQ-secties en structured data (schema.org) verhogen je kans om geciteerd te worden. Sites met FAQ- en HowTo-schema zien tot 2x hogere citatierate in AI Overviews.
  • Investeer in autoriteit, niet alleen in content: 76% van de URL's die Google in AI Overviews citeert, staat ook in de organische top 10. Dat betekent dat traditionele SEO (linkbuilding, E-E-A-T, technische gezondheid) nog steeds de basis is. Maar het is niet meer genoeg op zichzelf.
  • Herdefinieer je KPI's: Minder kliks betekent niet automatisch minder impact. Monitor impressies, merkzoekopdrachten, citaties in AI-tools en conversiekwaliteit naast klikvolume. Het verkeer dat nog wél klikt, is gemiddeld kwalitatief hoger dan voorheen.
  • Bekijk je contentmix kritisch: Generieke informatieve content zonder unieke kennis of eigen data wordt door AI letterlijk overbodig gemaakt. Zet je middelen in op content waar jij écht iets toevoegt: eigen onderzoek, klantcases, specifieke expertise, en op bottom-of-funnel pagina's met commerciële intentie, waar AI Overviews minder impact hebben.
✅ Strategie

De interface verandert nog, maar de richting is structureel: Google bouwt aan een ecosysteem waarin zoekverkeer op zijn eigen platform blijft. Wie nu investeert in contentautoriteit, structuur en citatiepotentieel bouwt aan iets dat ook in ChatGPT en Perplexity relevant is. Wie wacht tot het stof neergedaald is, wacht te lang.

AI Performance in Bing Webmaster Tools

Wat is het?

Op 10 februari 2026 lanceerde Microsoft een nieuw dashboard in Bing Webmaster Tools: AI Performance. Het laat voor het eerst zien hoe vaak en op welke pagina's jouw content wordt geciteerd in AI-gegenereerde antwoorden, specifiek binnen Microsoft Copilot, de AI-samenvattingen in Bing en een aantal partnerplatformen. Dat is een primeur: geen enkel ander groot zoekplatform biedt momenteel een aparte rapportageomgeving specifiek voor AI-citaties. Google verwerkt AI Overviews-data in Search Console, maar maakt geen onderscheid tussen traditionele organische kliks en AI-zichtbaarheid.

Het dashboard toont vijf metrics: het totaal aantal citaties in een gekozen periode, het dagelijks gemiddelde aan unieke geciteerde pagina's, de zoekphrases die AI gebruikte om jouw content op te halen (grounding queries), citaties per individuele URL en een tijdlijn die laat zien hoe jouw AI-zichtbaarheid zich ontwikkelt. Bereikbaar via Bing Webmaster Tools voor iedereen met een geverifieerd account.

Wat vinden wij ervan?

Dit is de eerste keer dat een zoekmachine echt inzicht geeft in hoe AI-systemen je content selecteren als bron. Het meest waardevolle onderdeel zijn de grounding queries: de exacte frasen die het AI-systeem gebruikte om jouw pagina op te halen. Dat is fundamenteel anders dan zoekverkeer. Je ziet niet wat de gebruiker intypte, maar hoe het systeem jouw content leest als antwoord op een vraag.

Wat opvalt in de praktijk: AI fungeert al als een helpdesk. Loginpagina's, supportdocumentatie en producthandleidingen domineren de citatievolumes in vrijwel elke sector, ook bij merken die dat zelf niet verwachtten. Eén sterk inhoudelijk artikel kan daarbij een buitenproportioneel groot deel van de citaties dragen. De kritische kanttekening: het dashboard toont citaties, geen kliks. Of die zichtbaarheid ook bezoek oplevert, blijft voorlopig onbekend.

Ons advies?

Zet Bing Webmaster Tools op als je dat nog niet gedaan hebt. Dat is de basis. Daarna:

  • Bekijk welke pagina's geciteerd worden, en óf dat de juiste zijn. Als loginpagina's en supportpagina's je citatieprofiel domineren, is dat nuttige informatie. Zorg dan ook dat die pagina's up-to-date, overzichtelijk en behulpzaam zijn. Dat is je eerste indruk bij een AI-systeem.
  • Analyseer je grounding queries kritisch. Sluit de onderwerpen waarvoor je geciteerd wordt aan bij je commerciële doelen? Als je voor vragen buiten je kerndomein wordt geciteerd, is dat soms een kans, soms een signaal dat content over je kernthema's te mager is.
  • Gebruik de data als spiegel voor je GEO-strategie. Welke pagina's haal je niets op? Dat zijn de pagina's die structuur, diepgang of helderheid missen. Niet alle content hoeft geciteerd te worden, maar de pagina's die je daarvoor inzet, moeten dat ook zijn.
  • Vergeet niet dat Bing slechts een deel van het plaatje is. Het dashboard dekt alleen Microsoft's ecosysteem. Citaties in ChatGPT, Perplexity of Google AI Overviews zijn hier niet zichtbaar. Maar de inzichten over welke contenttypen AI-systemen aantrekken, zijn wel degelijk overdraagbaar.
✅ Strategie

Het dashboard is nog beperkt, maar de beweging is helder: AI-zichtbaarheid wordt een meetbare discipline. Wie nu begrijpt hoe AI-systemen content selecteren, staat voor op de curve als dit instrument rijper wordt én als Google een vergelijkbaar equivalent lanceert.

AI Positietracking

Wat is het?

Terwijl AI-zoekmachines terrein winnen, is er in hoog tempo een nieuwe categorie tools ontstaan: AI-positietrackers. Ze beloven te meten hoe zichtbaar jouw merk is in de antwoorden van ChatGPT, Perplexity, Google AI Overviews en andere AI-systemen. Aanbieders als Semrush, Ahrefs Brand Radar, Profound, Peec AI en tientallen andere tools stellen marketeers in staat bij te houden hoe vaak en in welke context hun merk opduikt in AI-gegenereerde antwoorden. De markt groeit snel: naar schatting wordt er al meer dan 100 miljoen dollar per jaar aan dit soort tracking uitgegeven.

De werkwijze is in essentie overal hetzelfde. Een tool bouwt een bibliotheek met prompts, stelt die geautomatiseerd aan de AI-systemen, vangt de antwoorden op en berekent op basis daarvan een zichtbaarheidsscore of "share of voice." Sommige tools spreken zelfs van een "ranking" in ChatGPT of Perplexity. Vervolgens presenteert het systeem dit als een betrouwbaar meetinstrument voor je AI-prestaties, compleet met dashboard, benchmarks en adviezen.

Dat klinkt logisch. Zoekmachines hebben rankings, dus AI-zoekmachines moeten toch ook iets hebben om te meten? Die redenering is precies waar het fout gaat.

Wat vinden wij ervan?

Dit is op dit moment nagenoeg pure hype, en het onderzoek bevestigt dat hard. Rand Fishkin van SparkToro publiceerde begin 2026 onafhankelijk onderzoek waarbij 600 vrijwilligers dezelfde prompts 2.961 keer door ChatGPT, Claude en Google AI lieten lopen. De uitkomst: de kans dat een AI twee keer dezelfde lijst merken geeft, is kleiner dan 1 op 100. De kans dat die lijst ook nog eens in dezelfde volgorde staat, is kleiner dan 1 op 1.000.

Dit is geen statistisch detail, het is architectureel. AI-taalmodellen zijn probabilistische engines: elke output is een kansuitkomst, geen positie. De "temperatuurinstelling" in een model zorgt bewust voor variatie in output. Een stabiele ranking veronderstelt consistentie die het systeem structureel niet levert.

Daar komt het promptprobleem bij. Uit hetzelfde onderzoek bleek dat 142 mensen die allemaal zochten naar hetzelfde, 142 vrijwel unieke prompts schreven. AI-zoekopdrachten zijn geen keywords: mensen stellen volledige vragen met context, situatie en persoonlijke details. Een tool die met een synthetische promptbibliotheek werkt, meet daarmee per definitie niet wat echte gebruikers doen. Die kloof is structureel en niet op te lossen met betere tools.

Wat wél enige statistische houdbaarheid heeft, is zichtbaarheidspercentage over tientallen tot honderden runs: hoe vaak verschijnt een merk in antwoorden op een specifieke vraagstelling? Maar dat vereist transparantie over methodologie en steekproefgrootte die de meeste tools niet bieden. Bing deed het anders: AI Performance in Bing Webmaster Tools levert platformeigen citatiemeting, zonder rankings, zonder opgeblazen claims. Dat is precies de eerlijkheid die dit domein nodig heeft, en het signaleert waar de rest van de markt naartoe moet.

Ons advies?

Wacht. Investeer nu geen substantieel budget in AI-positietracking tools die claimen dat je "rankt" in AI-antwoorden. De methodologie is te onbetrouwbaar, de steekproeven zijn te klein en de data biedt onvoldoende basis voor strategische beslissingen. Het landschap moet rijper worden, platforms moeten eigen meetmechanismes lanceren, en tools moeten methodologisch transparanter worden, voordat je hier serieus budget aan kunt koppelen.

Wat je nu wél kunt doen:

  • Zet GA4 custom channel groups op voor LLM-verkeer. Zo bouw je een baseline op van hoeveel bezoekers al via AI-tools binnenkomen. Dat is echte data over echt gedrag, geen schatting van een proxy-tool.
  • Test prompts handmatig en periodiek. Kies een handvol vragen die echt relevant zijn voor jouw doelgroep, stel ze wekelijks aan ChatGPT en Perplexity, en noteer of je merk verschijnt en in welke context. Simpel, gratis en methodologisch eerlijker dan welke betaalde tool ook.
  • Gebruik Bing Webmaster Tools als anker. Dit is platformeigen citatiemeting die niet claimt meer te zijn dan het is. Beperkt in dekking, maar eerlijk in wat het toont. Een goede basis terwijl het bredere landschap rijpt.
  • Volg het veld kritisch en vraag door. Als een tool beweert jouw "positie in ChatGPT" te kunnen meten, vraag dan naar de steekproefgrootte per prompt, de methodologie voor promptselectie en de statistische onderbouwing. Als ze dat niet kunnen geven, weet je genoeg.
  • Wacht op platformeigen data. Google zal vroeg of laat een equivalent van Bing's AI Performance dashboard lanceren voor Google AI Overviews en AI Mode. Dat is het moment waarop AI-zichtbaarheid een discipline wordt met betrouwbare data. Tot die tijd ben je als marketeer structureel aan het extrapoleren.
🔶 Hype

Hype, verpakt als meetbare zekerheid. De kans op twee identieke AI-lijsten in dezelfde volgorde is kleiner dan 1 op 1.000. Dat is geen meetsysteem. Wie investeert in tools die "posities in AI" beloven, betaalt voor zelfverzekerd verpakte onzekerheid. Bouw je eigen baseline op via GA4 en Bing Webmaster Tools en wacht tot de methodologie rijpt.

SEO, AEO en GEO

Wat is het?

Twee nieuwe ‘buzzwoorden’ voegen zich bij het alombekende SEO (Search Engine Optimization).

Waar SEO (Search Engine Optimization) draait om het verbeteren van je zichtbaarheid in traditionele zoekmachines zoals Google, evolueert het speelveld snel. Met de opkomst van AI in zoektechnologieën verschuiven we naar twee nieuwe benaderingen: AEO (Answer Engine Optimization) en GEO (Generative Engine Optimization).

AEO ontstond met de komst van featured snippets, voice search en tools zoals Google Assistant. Het doel: antwoord geven op vragen van gebruikers, in plaats van alleen ‘gevonden worden’. In plaats van alleen te mikken op zoekwoorden, optimaliseer je content zodat het als direct antwoord op een vraag kan dienen.

GEO is de nieuwste fase, ontstaan door AI Overviews en AI Mode van Google. Hier genereert de zoekmachine zelf een antwoord op basis van meerdere bronnen. Je content hoeft niet alleen goed te zijn, maar ook betrouwbaar, goed gestructureerd en duidelijk herkenbaar als autoriteit. De machine kiest zelf wat relevant is, vaak zonder dat de gebruiker nog doorklikt naar jouw website. Deze evolutie van zoekoptimalisatie is cruciaal, en we leggen de verschillen tussen SEO, AEO en GEO hier verder uit.

Waar SEO draait om ‘gevonden worden’, draait AEO om ‘antwoord geven’ en GEO om ‘als bron gekozen worden door AI’.

Wat vinden wij ervan?

Voor wie serieus werk maakt van performance is deze ontwikkeling onvermijdelijk. De klassieke SEO-aanpak blijft nodig voor transacties, lokale vindbaarheid en long-tail verkeer, maar het is niet meer genoeg. AEO dwingt tot content die direct antwoord geeft op concrete vragen; GEO vereist content met autoriteit, structuur en een sterke merkidentiteit. Wie dat niet op orde heeft, verdwijnt stilletjes uit het zicht van AI-gegenereerde antwoorden. Veel bedrijven hangen nog vast aan klassieke SEO terwijl het speelveld al verder is verschoven. GEO vraagt om denken als een publisher met autoriteit: inhoudelijk sterk, consistent en betrouwbaar als bron.

Ons advies?

Zie SEO, AEO en GEO niet als drie losse disciplines maar als één keten: zichtbaar worden (SEO), direct antwoord geven (AEO) en door AI geselecteerd worden als bron (GEO). Wie dat als geheel aanpakt, bouwt aan duurzame zichtbaarheid in een landschap dat blijft verschuiven.

  • Maak je content niet alleen vindbaar, maar bruikbaar. Zorg dat het direct antwoord geeft op de vraag van de gebruiker.
  • Werk aan merkautoriteit: reviews, vermeldingen, links en betrouwbare content maken het verschil bij generatieve AI.
  • Denk na over je rol in het zoekproces. Wil je gevonden worden? Of wil je het antwoord zijn? Dat vraagt andere keuzes in contentproductie.
  • Optimaliseer niet blind op keywords, maar op intentie. Wat wil iemand echt weten, en hoe kun jij daar het beste antwoord op geven?
✅ Strategie

SEO is niet dood, het landschap is breder geworden. AEO en GEO zijn geen vervangers maar uitbreidingen. Wie dit nu meeneemt in zijn content- en searchstrategie bouwt aan zichtbaarheid die ook over een jaar standhoudt. Wie wacht, loopt achter op een verschuiving die al gaande is.

Google Tag Gateway

Wat is het?

Google Tag Gateway is een gratis feature waarmee je je Google-tags (GTM, GA4 en Google Ads) niet meer verstuurt via domeinen van Google, maar via je eigen domein. In de standaardsituatie stuurt een bezoeker op jouw website verzoeken direct naar googletagmanager.com en google-analytics.com. Precies die domeinen staan op de blokkeerlijst van browserextensies als DuckDuckGo en uBlock Origin. Met Google Tag Gateway lopen die verzoeken via een subpad op jouw eigen domein: jouwebsite.nl/a/g/c in plaats van google-analytics.com/g/collect.

Technisch gezien werkt dit via een Content Delivery Network (CDN). Cloudflare is de meest logische keuze, omdat Google Tag Gateway hier native mee integreert en de setup in GTM of GA4 binnen een paar minuten is afgerond. Cloudflare fungeert als tussenlaag: het ontvangt het verzoek vanuit de browser, routeert dat via jouw eigen domein naar Google, en injecteert automatisch het aangepaste GTM-snippet in de HTML van je pagina. Je servercode hoef je niet aan te raken. Voor wie al op Cloudflare zit, is dit letterlijk een paar klikken.

De setup verloopt via GTM Admin of GA4-datastroominstellingen, waar Google een wizard heeft gebouwd die je stap voor stap koppelt aan Cloudflare. Andere CDN's werken ook, maar vereisen handmatige configuratie. Floodlight-tags (DC-tags) en standalone Google Ads-tags zonder GTM vereisen een handmatige implementatieroute; de automatische Cloudflare-koppeling dekt die niet af.

Belangrijk om te begrijpen wat Google Tag Gateway niet is: het is geen vervanging van server-side tagging. Het is een client-side oplossing waarbij de meting nog altijd vanuit de browser vertrekt, alleen via een first-party route. Dat onderscheid is cruciaal voor hoe je de waarde ervan beoordeelt.

Wat vinden wij ervan?

Google Tag Gateway is een nuttige toevoeging aan je meetinfrastructuur, maar de beperkingen verdienen eerlijke aandacht, want die zijn structureel.

Het fundamentele probleem is dat Google Tag Gateway vrijwel uitsluitend Google-kanalen ten goede komt. GTM, GA4, Google Ads: die meting verbetert. Maar je Meta Pixel, je TikTok-tag, je Criteo, je Microsoft Advertising-tag — die lopen nog steeds via third-party domeinen en worden door dezelfde browserextensies geblokkeerd. Het gevolg is dat de meetkloof tussen Google en de rest van je mediakanalen groter wordt, niet kleiner. Als je vandaag al 20% van je Meta-conversies niet meet omdat adblockers ingrijpen, en je meet Google morgen nauwkeuriger, dan zie je in je dashboards relatief nóg betere Google-resultaten ten opzichte van Meta. Dat geeft een vertekend beeld van je daadwerkelijke attributie en kan leiden tot verkeerde budgetverschuivingen.

Brainlabs rapporteert een gemiddelde uplift van 11% in gerapporteerde conversies bij adverteerders die Google Tag Gateway hebben geïmplementeerd, met uitschieters tot 20,5% bij een grote verzekeraar en 15% bij een home improvement retailer. Die getallen zijn reëel, maar ze reflecteren herstel van meting, geen groei van daadwerkelijke performance. Je meet wat je altijd al had, alleen nu vollediger voor één deel van je mix.

Wat Google Tag Gateway bovendien niet doet: het verlengt geen cookielevensduur op zichzelf. Apple's Intelligent Tracking Prevention (ITP) beperkt client-side cookies in Safari tot maximaal 7 dagen, en dat verandert niet doordat je verzoeken via jouw eigen subpad lopen. Voor cookie-extensie heb je server-side tagging nodig, waarbij de cookie vanuit de server wordt gezet en daarmee als first-party cookie met een langere levensduur wordt geaccepteerd. Op dat punt verliest Google Tag Gateway het vergelijk met een volwaardige server-side setup.

Tot slot: niet alle blockers zijn even gevoelig voor first-party routing. Ghostery is een goed voorbeeld van een extensie die de patronen in de requests herkent, ook als die via jouw domein lopen. Google Tag Gateway vermindert het effect van een deel van de browserextensies, maar niet van alle.

Ons advies?

Implementeer Google Tag Gateway als je werkt met GA4, GTM en Google Ads en nog geen volwaardige server-side setup hebt. De kosten zijn nul, de setup is minimaal, en het herstel van meting is direct zichtbaar. Dat maakt de kosten-batenanalyse eenvoudig.

Doe het echter met de juiste verwachtingen. Google Tag Gateway is een laagdrempelig begin, niet het eindpunt van je first-party datastrategie. De kanalen die je buiten Google inkoopt, zoals Meta, TikTok en programmatic, profiteren hier niet van. Dat betekent dat je meetkloof over je volledige mediakanaalset ongelijk is, en dat beïnvloedt hoe je data interpreteert en hoe je budgetten verdeelt.

  • Zit je al op Cloudflare? Activeer Google Tag Gateway vandaag nog. Open GTM Admin, klik op Google Tag Gateway, koppel je Cloudflare-account en controleer in de browser netwerkanalyse of requests via jouw eigen subpad lopen.
  • Zit je niet op Cloudflare? Overweeg of de overstap zinvol is. Cloudflare Free is voor de meeste websites voldoende en brengt naast Google Tag Gateway ook sitesnelheidsvoordelen en DDoS-beveiliging mee.
  • Heb je al een volwaardige server-side GTM setup? Dan voegt Google Tag Gateway weinig toe als je al een custom loader en cookie-extensie hebt geregeld. Controleer of je setup al vergelijkbare voordelen biedt voordat je een extra laag toevoegt.
  • Corrigeer je interpretatie van de data. Na implementatie stijgen je Google-conversiecijfers op papier. Weet dat dit herstel van meting is, geen groei van resultaat. Herbereken je benchmarks en vergelijk kanaalperformance opnieuw zodat je geen budgetten verschuift op basis van een meetartefact.
  • Zie Google Tag Gateway als één puzzelstuk. Voor Meta-meting heb je de Conversions API nodig. Voor TikTok het Events API. Voor robuuste cookielevensduur server-side tagging. Google Tag Gateway lost alleen het Google-stuk op, en dat is te beperkt om je volledige meetprobleem mee aan te pakken.
✅ Strategie

Gratis, snel te implementeren en meetbaar effectief voor je Google-kanalen. Maar het is geen oplossing voor je volledige meetprobleem: kanalen buiten Google blijven ondergemeten. Implementeer het als eerste stap, niet als eindpunt.

MCP (Model Context Protocol)

Wat is het?

Het Model Context Protocol, afgekort MCP, is een open technische standaard die Anthropic eind 2024 introduceerde. De kern van het protocol is simpel: het maakt het mogelijk voor AI-assistenten om rechtstreeks te communiceren met externe systemen, zoals je CRM, je analytics-platform, je advertentieomgeving of je contentmanagementsysteem. Niet via een op maat gebouwde integratie voor elke combinatie van tools afzonderlijk, maar via één gestandaardiseerde verbindingstaal die elke MCP-compatibele tool begrijpt.

Om te begrijpen wat dat betekent, is het nuttig om te weten wat het probleem was vóór MCP bestond. AI-tools zoals ChatGPT en Claude werken op basis van trainingsdata met een vaste einddatum. Ze weten niets van jouw specifieke merkcontext: je tone of voice, je campagnegeschiedenis, je product-assortiment, je klantdata. Elke keer dat je een AI vraagt iets te doen dat context vereist, moet je die context handmatig aanleveren via je prompt. Dat is tijdrovend, foutgevoelig en schaalt niet.

MCP lost dat op door een standaard te definiëren waarmee een AI-tool actief data kan ophalen uit of acties kan uitvoeren in externe systemen, op het moment dat je een vraag stelt. Je AI-assistent kan dan, terwijl je een campagne bespreekt, live je GA4-data raadplegen, je laatste campagneprestaties uit Google Ads ophalen of controleren of een product nog op voorraad is in je webshop-backend. Dat alles zonder dat jij die data handmatig kopieert naar de chatinterface.

Technisch werkt MCP via een client-servermodel. De MCP-client zit ingebouwd in de AI-applicatie en stuurt verzoeken. De MCP-server zit aan de kant van het externe systeem en verwerkt die verzoeken, haalt data op of voert acties uit en stuurt een antwoord terug. Die uitwisseling verloopt in real time, gedurende de conversatie. Het protocol is model-agnostisch: het werkt met Claude, met ChatGPT, en in principe met iedere AI-tool die de standaard adopteert.

Grote namen hebben MCP snel omarmd. OpenAI, Microsoft, Google en tientallen martech-leveranciers ondersteunen het protocol inmiddels of zijn er actief mee aan het werk. Stripe biedt een MCP-server die directe toegang geeft tot transactiedata. Salesforce heeft integratie uitgerold. En in het marketing-ecosysteem experimenteren platforms als Zapier en HubSpot met MCP-compatibele verbindingen. De adoptie versnelt, maar de markt is in 2026 nog volop in ontwikkeling.

Er is ook een belangrijk onderscheid dat vaak wordt vergeten: MCP is niet hetzelfde als een AI-agent. Een agent draait autonoom op de achtergrond, neemt beslissingen en voert taken uit over langere perioden. MCP is een protocol voor conversationele, on-demand interacties. Je stelt een vraag, de AI haalt via MCP de benodigde data op, geeft antwoord, en daarmee is de interactie klaar. Geen persistente achtergrondprocessen, geen zelfstandig opererende taakuitvoering. Dat onderscheid is relevant voor hoe je MCP evalueert en in welke situaties het meerwaarde biedt.

Wat vinden wij ervan?

MCP is een mooie aanvulling op je AI-gereedschapskist, maar we zijn hier voorzichtig in onze enthousiasme, omdat dit echt nog volledig in ontwikkeling is. De richting klopt: een gestandaardiseerde manier om AI-tools toegang te geven tot je eigen data is een logische volgende stap na de eerste generatie standalone AI-assistenten die in een vacuüm werkten. De echte waarde van MCP is dat het de generieke AI-output vervangt door contextgebonden AI-output. Dat is het verschil tussen een AI die een e-mail schrijft op basis van algemene kennis, en een AI die die e-mail schrijft op basis van jouw merkrichtlijnen, de conversatiegeschiedenis van die klant en de actuele productprijzen uit je systeem.

Toch is er een serieuze kanttekening die we niet onder het tapijt schuiven: AI hallucinatie verdwijnt niet doordat je MCP gebruikt. Het wordt in de meeste gevallen minder ernstig, omdat het model werkt met jouw actuele data in plaats van verouderde of verzonnen informatie, maar het is niet weg. Een AI die via MCP jouw CRM raadpleegt, kan nog steeds een verkeerde conclusie trekken uit de opgehaalde data, of de data correct ophalen maar op een manier samenvatten die niet klopt met de werkelijkheid. Onderzoek naar LLM-betrouwbaarheid in geavanceerde pipelines laat zien dat de foutmarges kleiner worden bij het toevoegen van grounding-data, maar zeker niet tot nul dalen. Wie MCP inzet voor beslissingen met hoge impact, zoals campagnebudgetverschuivingen of klantcommunicatie, moet dat altijd met menselijke validatie omringen.

Een tweede punt dat marketeers moeten begrijpen: MCP verschuift de verantwoordelijkheid voor datakwaliteit naar jou. Een AI die in een vacuüm werkt, kan niets beters produceren dan zijn training. Een AI die via MCP toegang heeft tot jouw systemen, is zo goed als de data in die systemen. Vuile CRM-data, inconsistente campagnerapportage of ongestructureerde contentarchitectuur worden door MCP niet opgelost. Ze worden zichtbaarder, en de AI zal er actief mee aan de slag gaan. Dat betekent: garbage in, garbage out, maar dan sneller en op grotere schaal.

De governance-vraag is daarmee meteen ook de meest urgente. Wat mag een AI-tool via MCP lezen? Wat mag het aanpassen? Wie is verantwoordelijk als een MCP-verbinding leidt tot een ongewenste actie in een productiesysteem? De meeste marketing-teams hebben hier nog geen antwoord op, en dat is begrijpelijk gezien hoe nieuw dit is. Maar het is ook precies waarom je hier nu al over na moet denken, voordat de adoptie versnelt en de drempel verlaagt.

Ons advies?

Volg MCP actief, maar adopteer het nu nog selectief. De technologie is veelbelovend, de standaard wint snel terrein, en de eerste praktijktoepassingen laten zien waar de echte waarde zit. Maar de rijpheid van het ecosysteem is in 2026 nog niet op het niveau dat je blindelings kunt opschalen.

  • Begin met read-only toegang. De veiligste eerste stap is een MCP-setup waarbij je AI-tool data kan ophalen uit je systemen, maar niets kan aanpassen. Lees-toegang tot je analytics-data, je campagneresultaten of je productcatalogus is laag-risico en biedt direct bruikbare meerwaarde. Schrijf-toegang, waarbij de AI acties uitvoert in productiesystemen, vereist uitgebreidere governance en moet je pas activeren als je weet wat je doet.
  • Definieer je datagovernance voordat je verbindingen opent. Welke systemen mogen worden gekoppeld? Wie beheert de permissies? Hoe log je welke data een AI heeft opgevraagd en wat ermee is gedaan? Dit klinkt zwaar, maar een basisgovernancestructuur is eerder uren werk dan maanden. Stel het niet uit tot nadat er iets misgaat.
  • Houd de menselijke laag intact bij beslissingen. MCP versnelt het opvragen en samenvatten van data, maar de beslissing op basis van die data moet van een mens komen. Zeker zolang AI-hallucinatie een reëel risico is, ook in MCP-versterkte omgevingen, mag je de validatiestap niet elimineren. Gebruik MCP als een snellere manier om tot het moment van beslissen te komen, niet als de beslisser zelf.
  • Investeer nu in databeheer. Hoe schoner je CRM, hoe beter je campagnestructuur en hoe consistenter je rapportage-inrichting, des te nuttiger MCP straks is. De kwaliteit van je AI-output via MCP is een directe afspiegeling van de kwaliteit van je databronnen. Dit is het moment om die achterstallige opruiming te rechtvaardigen met een concreet strategisch argument.
  • Volg de adoptie bij je martech-leveranciers actief. Veel platforms waarbij jij als marketeer al klant bent, werken aan MCP-compatibiliteit. Google Ads, Meta, HubSpot, GA4. Check bij je leveranciers wat de roadmap is. Als MCP-ondersteuning beschikbaar komt, is de drempel om te starten laag, omdat de infrastructuur er al is.
✅ Strategie in de maak

De richting is structureel en de adoptie door grote spelers is serieus. Maar het ecosysteem rijpt nog, governance-frameworks bestaan nauwelijks en MCP lost het hallucinatieprobleem niet volledig op. Breng je datafundamenten op orde en start klein. Wie blind opschaalt zonder die basis, koopt een duurder probleem dan hij oplost.

Adverteren in AI

Wat is het?

Adverteren in AI betekent dat je als adverteerder betaald zichtbaar kunt zijn in de antwoorden van AI-systemen, in plaats van in de klassieke zoekresultatenpagina of op social media. Twee platforms bepalen op dit moment het gesprek: OpenAI met ChatGPT en Google met zijn AI Mode en AI Overviews.

OpenAI heeft in februari 2026 officieel bevestigd dat het advertenties test in ChatGPT. Het gaat om gesponsorde aanbevelingen die worden getoond in een apart, duidelijk gelabeld blok onderaan het AI-antwoord. De eerste merken die deelnemen aan het testprogramma zijn voornamelijk Amerikaanse premium-merken: Adobe, Audible, Target, Williams-Sonoma, Ford, Mazda en het Zwitserse horlogemerk Audemars Piguet. Die selectie is niet toevallig. OpenAI kiest bewust voor merken die passen bij het profiel van de gemiddelde ChatGPT-gebruiker: hoogopgeleid, inkomensgeoriënteerd, gewend aan premium dienstverlening. Het platform positioneert zich als een brand-safe omgeving en wil voorkomen dat de eerste advertentiegolf het vertrouwen van gebruikers ondermijnt.

Technisch werkt het systeem op basis van contextuele plaatsing. Het AI-antwoord wordt eerst volledig gegenereerd op basis van de vraag van de gebruiker, daarna wordt een gesponsorde suggestie toegevoegd die aansluit op de gedetecteerde intentie in de conversatie. OpenAI benadrukt dat advertenties de inhoud van het antwoord zelf niet beïnvloeden. Er is een duidelijke scheiding tussen het organische antwoord en de gesponsorde eenheid. Betaalde users op het Pro-abonnement ($200 per maand) zien geen advertenties. Gebruikers op het basis- en middenabonnement wel. Voor wie ChatGPT's zoekfunctie uitschakelt, zijn er ook geen advertenties te zien, omdat de advertenties momenteel gekoppeld zijn aan de zoekintegratie.

Bij Google is de beweging richting betaalde plaatsen in AI-omgevingen al verder. In AI Overviews worden advertenties al uitgerold naar meer landen. In AI Mode test Google een nieuw shoppingformaat waarbij gesponsorde retailposities verschijnen onder de organische AI-aanbevelingen, duidelijk gelabeld als "Sponsored." Daarnaast test Google een functie genaamd Direct Offers, waarbij merken een op maat gemaakt aanbod kunnen doen aan gebruikers die op het punt staan een beslissing te nemen. Denk aan een loyaliteitskorting of een productbundel, gepresenteerd op het exacte moment in de customer journey waarop de gebruiker al overweegt te kopen.

Dat laatste raakt aan het concept van de "messy middle": de chaotische oriëntatiefase tussen de eerste behoefte en de uiteindelijke aankoop. AI-systemen zijn precies de omgeving waar mensen nu massaal in die fase zitten. Ze stellen vragen, vergelijken opties, vragen om aanbevelingen. Wie als merk aanwezig is op dat moment, zit dichter op de beslissing dan elke bannercampagne ooit heeft gereikt.

De advertentiemarkt in AI staat nog volledig aan het begin. Er zijn geen zelfbedieningsplatforms voor adverteerders buiten een select aantal grote spelers. Er is geen gestandaardiseerde manier om te targeten, te meten of te optimaliseren. Internationale uitrol naar Europa, en specifiek naar Nederland, is niet gepland voor de korte termijn. Adverteren in ChatGPT is momenteel alleen beschikbaar voor een handvol Amerikaanse adverteerders binnen een uitnodigingsprogramma. Voor Google geldt dat advertenties in AI Mode al deels actief zijn in de VS, maar de uitrol naar de Nederlandse markt loopt achter op het Engelstalige aanbod.

Wat vinden wij ervan?

Dit is de eerste stap, en dat is precies wat het is: een eerste stap. De manier waarop OpenAI en Google dit bouwen, laat zien dat beide platformen begrijpen dat ze voorzichtig moeten zijn. Een chatbot die antwoorden geeft op basis van wie het hoogste bod heeft uitgebracht, vernietigt het gebruikersvertrouwen dat het platform zijn waarde geeft. Dat gevaar is reëel, en het verklaart waarom beide partijen de organische output en de betaalde laag nadrukkelijk scheiden.

Tegelijkertijd is de commerciële logica onvermijdelijk. ChatGPT verliest naar eigen zeggen meer dan vijf miljard dollar per jaar. Zonder een verdienmodel dat verder gaat dan abonnementen, is adverteren geen optie maar een noodzaak. Google heeft datzelfde probleem maar dan omgekeerd: het zoekmachinemodel staat onder druk doordat AI Overviews klikken kannibaliseren op betaalde advertenties. Adverteren in AI is voor Google de manier om de inkomstenstromen overeind te houden terwijl het gedrag van de gebruiker fundamenteel verandert.

Wat het format betreft zijn we kritisch. Een gesponsord blok onderaan een chatantwoord is mechanisch weinig anders dan een gesponsord zoekresultaat. De werkelijke differentiatie zit in de intentiesignalen die een conversatieve AI-interactie meebrengt. Een gebruiker die aan ChatGPT vraagt "wat is een goede elektrische auto voor een gezin van vier" heeft een rijkere intentie dan iemand die "elektrische auto vergelijken" intypt. Dat is waarde voor de adverteerder, maar de vraag is hoe goed die intentie straks daadwerkelijk benut kan worden met de targeting-opties die beschikbaar komen. Dat weten we nu nog niet.

Voor de Nederlandse markt is de praktische relevantie op dit moment nagenoeg nul. Er is geen toegang, er zijn geen tools, er zijn geen meetstandaarden en er is geen gepubliceerde roadmap voor Europese uitrol. De AVG-wetgeving maakt de advertentiemogelijkheden in Europa structureel complexer dan in de VS: het uitwisselen van gebruikersprofielen voor doelgroeptargeting is aan strengere regels gebonden, en het is nog volledig onduidelijk hoe OpenAI en Google dat gaan oplossen voor de Europese markt.

Wat we wel zien is dat de richting structureel is. AI-systemen gaan een steeds groter deel van de oriëntatiefase van de consument overnemen. Dat is de fase waar merkvoorkeur wordt gevormd, opties worden vergeleken en beslissingen worden genomen. Wie als merk in die fase afwezig is, verliest terrein dat moeilijk terug te winnen is. Adverteren in AI is in dat licht niet zomaar een nieuw kanaal. Het is het begin van een verschuiving in waar de aandacht van de koopintentiegerichte consument zich bevindt.

Ons advies?

Volg dit nauwgezet, maar wacht met budget tot er daadwerkelijk iets te activeren valt in de Nederlandse markt. De kans is klein dat je in 2026 als Nederlands bedrijf een zelfbedieningscampagne in ChatGPT kunt draaien. Dat neemt niet weg dat er nu al dingen zijn die je kunt doen om straks goed gepositioneerd te zijn.

  • Zorg dat je merk aanwezig is in de organische output van AI-systemen. Adverteren in AI veronderstelt merkherkenning in die omgeving. Wie nu investeert in GEO en AEO, en dus in content die AI-systemen als betrouwbare bron herkennen, legt het fundament voor zowel organische als betaalde zichtbaarheid straks. Organische aanwezigheid is de voorwaarde voor effectieve betaalde aanwezigheid.
  • Monitor de uitrol van advertentieformaten in AI Mode door Google actief. Google is voor de Nederlandse markt het meest relevante platform, en de uitrol van betaalde posities in AI Mode gaat sneller dan die in ChatGPT. Shopping-adverteerders in het bijzonder moeten bijhouden hoe de nieuwe gesponsorde shoppingblokken in AI Mode zich verhouden tot hun bestaande Performance Max en Standard Shopping-campagnes.
  • Breng je merkboodschap op orde voor conversatiegerichte omgevingen. Een klassieke USP-zin werkt in een zoekopdracht. In een AI-antwoord op een specifieke vraag werkt alleen context die aansluit op de exacte situatie van de gebruiker. Denk nu al na over hoe je je propositie formuleert als aanvulling op een AI-antwoord, in plaats van als standalone advertentie.
  • Houd de Europese privacyontwikkelingen bij. De manier waarop OpenAI en Google advertenties in AI voor de Europese markt gaan structureren, hangt sterk af van hoe ze AVG-compliance inrichten. Wie de discussie volgt, weet eerder dan de rest wanneer en hoe adverteren in AI in Nederland realiteit wordt.
  • Reserveer testbudget voor de eerste uitrol. Wanneer adverteren in AI toegankelijk wordt voor de Nederlandse markt, zal de concurrentiedruk in het begin laag zijn en de kosten relatief gunstig. Dat is het moment waarop vroege adopters een groot voordeel hebben. Zorg dat je dan klaarstaat om snel te testen.
🔶 Hype (voor nu)

Adverteren in AI is nu nog niet beschikbaar in Nederland en het ecosysteem is te onvolwassen om serieus budget op in te zetten. Maar de richting is onmiskenbaar strategisch. Zeker in de messy middle wordt dit een volwaardig kanaal. Investeer nu in organische AI-aanwezigheid als fundament, en zorg dat je klaar bent om te adverteren zodra de Nederlandse markt opengaat.